direct naar inhoud van 3.7 Archeologie
Plan: Bestemmingsplan Hooghoefweg
Status: voorontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0847.BP02010010-VO01

3.7 Archeologie

Kader

In 1998 is door het rijk het Verdrag van Malta ondertekend. Hierin stellen rijk en provincies zich op het standpunt dat in het ruimtelijk beleid zorgvuldig met het archeologisch erfgoed in de bodem moet worden omgegaan. Dit betekent dat in gebieden waar eventuele archeologische waarden voorkomen of waar reƫle verwachtingen bestaan met (eventuele) archeologische waarden rekening moet worden gehouden. Ter uitvloeisel van dit verdrag wordt in het kader van de ruimtelijke ordening het behoud van het archeologisch erfgoed meegewogen, zoals alle andere belangen die bij de voorbereiding van het plan een rol spelen. Voor het bestemmingsplan geldt als norm de eis van een goede ruimtelijke ordening. Dit betekent dat het belang van het archeologisch erfgoed dient mee te tellen bij de beoordeling en afweging van alle bij de goede ruimtelijke ordening spelende belangen.

Onderzoeksopzet

Voor het nabijgelegen gebied Groote Hoeven is een archeologisch onderzoek verricht. Hieruit blijkt dat de trefkans van archeologische waarden hoog is. Echter, omdat voor de aanleg van de weg geen diepe graafwerkzaamheden noodzakelijk zijn, is een eventuele verstoring van acrcheologie alleen oppervlakkig. Derhalve heeft de adviseur van de gemeente aangegeven dat voor het aanleggen van de Hooghoefweg het niet noodzakelijk is vooronderzoeken uit te voeren. Wel geldt de verplichting dat indien bij de werkzaamheden blijkt dat er vondsten worden gedaan deze gemeld worden. De beste onderzoeksmethode is dan ook een proactieve begeleiding. Voor het archeologisch begeleiden voor de aanleg van de weg dient een Programma van Eisen te worden opgesteld.

Conclusie

Voor het aanleggen van de weg wordt een proactieve begeleiding geadviseerd op basis van een Programma van Eisen.