| Plan: | Bestemmingsplan Someren-Heide zuid |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0847.BP02009001-VS01 |
De op de plankaart als 'Verkeer' aangeduide gronden zijn bestemd voor:
alsmede voor:
De grond met de bestemming verkeer mag uitsluitend worden bebouwd met:
bouwwerken ten dienste van de constructie en verkeerstechnische uitrusting van wegen, de in-richting van het onbebouwde gebied en nutsgebouwtjes, met inachtneming van het volgende:
a. De inhoud van gebouwen mag niet meer dan 50 m³ bedragen.
b. De hoogte van gebouwen mag niet meer dan 2,7 m bedragen.
De gronden die op de plankaart als 'Wonen' zijn aangeduid zijn bestemd voor:
2.2.2.1 Bebouwingsgrenzen
De gevellijn zoals aangeduid op de plankaart mag niet door bouwwerken worden overschreden, zulks met uitzondering van ondergeschikte onderdelen van gebouwen, welke aan de volgende kenmerken voldoen:
2.2.2.2 Bebouwingspercentage voor hoofdgebouwen, aan- en bijgebouwen
Het bebouwingspercentage voor hoofdgebouwen, aan- en bijgebouwen mag niet meer bedragen dan:
2.2.2.3 Hoofdgebouwen
Situering
Diepte
De diepte van hoofdgebouwen mag niet meer bedragen dan 10 m.
Breedte
De breedte van het hoofdgebouw mag niet meer bedragen dan 10 meter, met inachtneming van hetgeen bepaald ten aanzien van de afstanden tot de zijdelingse perceelsgrens.
Goothoogte
De goothoogte, zoals aangeduid op de plankaart, dient te worden aangehouden.
Hoogte
De hoogte van het hoofdgebouw mag niet meer bedragen dan de maximaal toegestane goothoogte, vermeerderd met 5 m.
Afstanden tot de zijdelingse perceelsgrenzen
De afstanden van het hoofdgebouw tot de zijdelingse perceelsgrenzen mogen bedragen:
2.2.2.4 Aan- en bijgebouwen
Binnen de bestemming 'Wonen' mogen aan- en bijgebouwen worden gebouwd met inachtne-ming van de volgende bepalingen:
2.2.2.5 Bijzondere woonvormen
Ter plaatse van de aanduiding '[sba-w]' op de plankaart zijn bijzondere woonvormen toegestaan, onder de volgende voorwaarden:
2.2.2.6 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
De hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 3 meter bedragen, met uitzondering van terrein- en erfafscheidingen welke achter de voorgevel van het hoofdgebouw maximaal 2 meter hoog en voor de voorgevel van het hoofdgebouw maximaal 1 meter hoog mogen zijn.
2.2.2.7 Carports
Buiten het onder 2.2.2.4 ten aanzien van de afstand tot de voorgevel bepaalde, mag bij iedere woning één carport worden gebouwd, waarbij moet worden voldaan aan de volgende eisen:
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd ontheffing krachtens artikel 3.6 Wro te verlenen van:
Binnen de bestemming 'Woongebied' is de uitoefening van aan-huisverbonden beroepen toege-staan als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie, waarbij de volgende bepalingen van toe-passing zijn: